Wijzigingswet accountancysector: wat betekent dit concreet voor accountantsorganisaties?
22-05-2026
De accountancysector staat opnieuw voor een belangrijke verandering. De nieuwe Wijzigingswet accountancysector treedt naar verwachting op 1 januari 2027 in werking en brengt nieuwe verplichtingen mee voor accountantsorganisaties. De AFM heeft hierover recent een sectorbericht gepubliceerd.
Hoewel veel aandacht uitgaat naar de formele wetswijzigingen, zit de echte impact vooral in de praktijk: governance, kwaliteitsbeheersing, toezicht en transparantie worden nadrukkelijker onderdeel van de dagelijkse bedrijfsvoering.
In dit artikel zet ik de belangrijkste wijzigingen op een rij én vooral wat organisaties daar nu al mee kunnen doen.
Een bijdrage van Maayke Slot MSc EMA RA
Waarom deze wet?
De wet is onderdeel van een bredere beweging binnen de accountancysector: meer focus op kwaliteit, onafhankelijkheid en maatschappelijk vertrouwen.
De wetgever maakt daarbij één boodschap duidelijk: de kwaliteit van wettelijke controles is niet uitsluitend de verantwoordelijkheid van de individuele accountant, maar nadrukkelijk ook van de accountantsorganisatie zelf.
Dat betekent dat cultuur, governance, interne sturing en kwaliteitsprocessen zwaarder gaan meewegen in toezicht en handhaving.
1. Grotere accountantsorganisaties krijgen zwaardere governance-eisen
Voor grotere accountantsorganisaties met een reguliere vergunning (AO-RV) gaan aanvullende governanceverplichtingen gelden. Dat betreft organisaties die gedurende drie opeenvolgende jaren:
- minimaal € 3 miljoen omzet uit wettelijke controles behalen; én
- minimaal 150 wettelijke controles uitvoeren.
Deze organisaties krijgen grotendeels dezelfde governance-eisen als OOB-accountantsorganisaties.
Wat verandert concreet?
Onder meer:
- geschiktheidstoetsingen van beleidsbepalers door de AFM;
- verplicht onafhankelijk intern toezicht;
- strengere eisen aan de rol en onafhankelijkheid van bestuurders;
- aanvullende goedkeuringsrechten voor interne toezichthouders.
Praktische impact
Voor veel middelgrote kantoren betekent dit méér dan alleen een juridische aanpassing. In de praktijk raken deze eisen direct aan de huidige bestuursstructuur, partnermodellen, besluitvorming over investeringen en winstuitkeringen, opvolgingsvraagstukken en de inrichting van intern toezicht.
Met name het verplichte interne toezicht kan organisatorisch én cultureel een grote verandering zijn. Veel kantoren hebben historisch een sterk partnergedreven model, terwijl de wet meer nadruk legt op onafhankelijk toezicht en formele governance.
Ons advies
Wacht niet tot 2027. Organisaties die mogelijk binnen de criteria vallen, doen er verstandig aan nu al een governance-scan uit te voeren:
- voldoet de huidige structuur straks nog?
- zijn rollen en verantwoordelijkheden voldoende vastgelegd?
- is er voldoende onafhankelijk toezicht georganiseerd?
- zijn beleidsbepalers “AFM-proof” qua geschiktheid en dossieropbouw?
Juist omdat governance-aanpassingen tijd kosten, is vroegtijdige voorbereiding essentieel.
2. Kwaliteit is ook een organisatieverantwoordelijkheid
Een van de meest fundamentele wijzigingen zit in artikel 18 Wta: de wet verduidelijkt dat accountantsorganisaties medeverantwoordelijk zijn voor de kwaliteit van wettelijke controles. Niet alleen moet een stelsel van kwaliteitsbeheersing worden ingericht, het moet ook zodanig zijn ingericht dat de kwaliteit van wettelijke controles daadwerkelijk wordt geborgd.
Dat klinkt misschien logisch, maar juridisch is dit een belangrijke verschuiving.
Wat betekent dit in de praktijk?
Een kwalitatief zwakke controle kan straks sneller worden gezien als een systeemfout van de organisatie. De AFM zal bij fouten in individuele controles nadrukkelijk ook kijken naar:
- het functioneren van het kwaliteitssysteem;
- commerciële prikkels binnen de organisatie;
- werkdruk en capaciteit;
- vaktechnische ondersteuning;
- cultuur en voorbeeldgedrag;
- interne monitoring, oorzaakanalyses en herstelmaatregelen.
Daarmee wordt het gesprek over het stelsel minder “afvinkbaar” en meer gericht op effect en uitkomst van het kwaliteitsbeleid.
Dit raakt ook kleinere kantoren
De wijziging geldt voor álle accountantsorganisaties, niet alleen de grote spelers.
Ook kleinere kantoren zullen daarom scherper moeten kunnen aantonen:
- hoe kwaliteit wordt geborgd;
- hoe dossiers worden beoordeeld;
- hoe signalen worden opgepakt;
- welke maatregelen volgen uit interne reviews.
Van “papieren kwaliteit” naar aantoonbare kwaliteit
Veel kantoren beschikken al over handboeken, compliance-documentatie en kwaliteitsprocedures. De AFM kijkt echter steeds meer naar de vraag: werkt het systeem ook écht in de praktijk?
Daarmee verschuift de focus van documentatie naar aantoonbare werking.
3. Audit Quality Indicators: meer transparantie op komst
Voor OOB-accountantsorganisaties komt een verplichte rapportage over zogeheten Audit Quality Indicators (AQI’s), indicatoren die inzicht geven in factoren die invloed hebben op controlekwaliteit.
De precieze factoren moeten nog worden vastgesteld, maar denk bijvoorbeeld aan:
- partnerbetrokkenheid;
- urenbesteding;
- personeelsverloop;
- trainingsuren;
- uitkomsten van interne kwaliteitsreviews;
- workload en teambezetting.
De NBA gaat deze informatie publiceren.
Waarom is dit relevant?
Wie kwaliteit alleen meet via periodieke dossierreviews, loopt waarschijnlijk achter op de verwachtingen.
Ook organisaties die niet direct onder de verplichting vallen, krijgen hiermee te maken.
Internationale ervaringen laten zien dat cliënten, auditcommissies, financiers en toezichthouders steeds meer gewend raken aan datagedreven kwaliteitsinformatie. Wij verwachten daarom dat AQI’s zich op termijn ontwikkelen tot een marktstandaard, ook buiten het OOB-segment.
Strategische kans
Kantoren die hun kwaliteitsdata goed op orde hebben, kunnen dit juist inzetten als onderscheidend vermogen richting cliënten en arbeidsmarkt.
Transparantie over kwaliteit wordt steeds vaker onderdeel van reputatie en positionering.
4. OOB’s zonder accountant: mogelijke aanwijzing door NBA
Een opvallende nieuwe bevoegdheid is de mogelijkheid om — als uiterste middel — een OOB-accountantsorganisatie toe te wijzen aan een OOB die geen accountant kan vinden.
Hoewel deze regeling voorlopig nog niet direct ingaat, laat dit wel zien hoe serieus de wetgever de continuïteit van wettelijke controles neemt.
Waarom komt deze regeling er?
De maatregel hangt samen met de toenemende terughoudendheid van accountantsorganisaties bij het accepteren of continueren van bepaalde controlecliënten. Daarbij spelen onder meer:
- strengere kwaliteitseisen;
- hogere toezichtdruk;
- aansprakelijkheids- en reputatierisico’s;
- en schaarste aan ervaren controlecapaciteit.
Dit leidt tot de noodzaak voor kantoren om hun cliëntenportefeuille kritischer te beoordelen. Met name bij complexe of risicovolle controles kan dit ervoor zorgen dat organisaties moeilijk een accountant vinden.
Wat betekent dit voor accountantsorganisaties?
Hoewel de aanwijzingsbevoegdheid nadrukkelijk als ultimum remedium is bedoeld, benadrukt deze regeling het belang van:
- een duidelijke acceptatie- en continueringsstrategie;
- goede vastlegging van cliëntafwegingen;
- en zorgvuldig capaciteit- en risicomanagement.
5. Melding van gebreken bij de AFM wordt makkelijker
De wet maakt het expliciet mogelijk om overtredingen te melden bij de AFM zonder dat de geheimhoudingsplicht dit verhindert.Bijvoorbeeld wanneer een opvolgend accountant ernstige tekortkomingen ontdekt in een eerdere wettelijke controle.
Wat verandert hierdoor?
Een cultuurverandering en algehele kwaliteitsverbetering in de sector is hiermee beoogd. De drempel om kwaliteitsproblemen te melden wordt lager; de aandacht voor kwaliteit daarmee naar verwachting hoger.Met deze wijziging neemt ook het belang toe van:
- goede interne escalatieprocedures;
- gedegen overdrachten;
- goede vastlegging van bevindingen;
- duidelijke besluitvorming over meldingen;
- juridisch en vaktechnisch afgestemde processen.
-
Voor kantoren betekent dit waarschijnlijk ook meer aandacht voor juridische en reputatierisico’s.
Wat kunt u nu al doen?
Hoewel de wet pas per 1 januari 2027 wordt verwacht, is dit hét moment om vooruit te kijken.Praktische aandachtspunten voor accountantsorganisaties
1. Voer een governance-impactanalyse uit
Met name relevant voor grotere AO-RV’s.2. Herijk het kwaliteitsstelsel
Niet alleen op papier, maar vooral op aantoonbare werking. Grijp SKM1 hiervoor aan. Voer bij bevindingen oorzaakanalyses uit om gerichte verbeteringen door te voeren.3. Inventariseer beschikbare kwaliteitsdata
Welke KPI’s en AQI’s kunt u nu al inzichtelijk maken? Welke (technische) aanpassingen zijn nodig voor meer inzicht?4. Evalueer cultuur en tegenkracht
Hoe worden commerciële en kwaliteitsbelangen afgewogen? Hoe komt dit terug in beloningsmodellen?5. Kijk kritisch naar dossier- en reviewprocessen
Met name bij overdrachten en interne monitoring.6. Bereid beleidsbepalers voor op geschiktheidstoetsing
Voor grotere organisaties kan dit aanzienlijke impact hebben op benoemingen en governanceprocessen.
Tot slot
De Wijzigingswet accountancysector is méér dan een technische wetswijziging. De wet markeert een verdere verschuiving naar een sector waarin governance, cultuur en aantoonbare kwaliteitsbeheersing centraal staan.Voor accountantsorganisaties ligt de uitdaging niet alleen in compliance, maar vooral in de vraag: hoe organiseren we kwaliteit duurzaam binnen onze organisatie?
Kantoren die daar tijdig op anticiperen, creëren niet alleen minder toezichtrisico, maar bouwen ook aan vertrouwen bij cliënten, medewerkers en toezichthouders. En daarmee een sterker, toekomstbestendiger kantoor.
Benieuwd hoe het Compliancekantoor kan ondersteunen om u tijdig en pragmatisch voor te bereiden op de Wijzigingswet? Download hier de flyer.